Spreken en luisteren

Oorlogen beginnen als mensen stoppen met spreken. Misverstanden en afwijkende meningen worden dan onvermijdelijk conflicten. Als de dialoog ophoudt, dan zal geweld de plaats innemen. Als er geen woorden meer gesproken worden, dan zullen de wapens spreken.

Spreken en luisteren zijn essentieel om vreedzaam samen te leven. Wat we denken en voelen wordt pas duidelijk als we erover kunnen spreken met anderen. We kunnen gedachten en gevoelens van anderen niet raden. Goede communicatie is van levensbelang, maar het loopt daarmee regelmatig fout. Het is immers niet eenvoudig om onze verlangens en gevoelens in woorden te zetten en uit te spreken.

We spreken natuurlijk veel: over het weer, over de programma’s op de televisie, over auto’s of mode, over onze gezondheidsproblemen. Het zijn onderwerpen die ongevaarlijk zijn, waarmee we niemand in verlegenheid brengen. Meer diepgaande, belangrijke thema’s komen zelden aan bod: onze kwetsbaarheid, angsten, verlangens, problemen. En als ze toch ter sprake komen, dan klinken snel enkele oneliners die de conversatie afblokken. We geven een etiket van goed of fout, en sluiten onze oren.

De evangelist Marcus vertelt zondag dat een man bij Jezus gebracht werd die doof was en gebrekkig sprak. Men smeekte hem om de man te genezen. We weten niets over de oorzaken. Maar misschien staat de man symbool voor al die keren dat wij doofstom waren, stopten met spreken, stopten met luisteren? Voor al die keren dat we de toogklap en straatpraat niet meer konden of wilden horen? Voor al die keren dat we écht wilden spreken maar geen woorden hadden? Voor al die keren dat onze moeizame woorden van waarheid niet gehoord werden?

Marcus vertelt hoe Jezus de man weghaalde uit de groep, uit de menigte. Dan pas zou verandering mogelijk worden. Want een groep wil liefst, onbewust, dat iedereen hetzelfde blijft. De groep heeft over alles een vaste mening, een duidelijk oordeel, en dat kan verstikkend zijn. Alleen zijn met Jezus, dat is de weg naar genezing en verandering, lijkt Marcus te willen zeggen.

Jezus sprak andere woorden dan die van de groep, van de massa. Hij sprak woorden die zelden gehoord worden in de groep. Hij sprak woorden van begrip, vergeving, aanmoediging, vrede en verzoening, van solidariteit. Het zijn woorden die mensen nodig hebben om te kunnen veranderen, om te kunnen leven, om te genezen van blokkades en angsten.

Jezus durfde het aan om afstand te nemen van de massa. Als die zweeg, dan durfde Jezus te spreken. Als de massa doof bleef, dan wilde Jezus luisteren. Ons spreken en luisteren wordt dikwijls bepaald door wat in de groep gedicteerd wordt. Dat kan mensen frustreren, ziek maken, doofstom. Ze blijven dan ongehoord. Dat kan leiden tot conflicten. En die worden oorlogen als de woorden niet meer mogen gesproken of aanhoord worden. (Mc 7, 31-37)